Kloosterleven in Nederland
Nederland telt nog altijd actieve kloosters en religieuze gemeenschappen, hoewel hun aantal sterk is teruggelopen sinds de jaren zestig. Het kloosterleven biedt een radicale vorm van christelijk leven: een bestaan gewijd aan gebed, gemeenschap en eenvoud. Kloosterlingen leggen drie geloften af: armoede (geen persoonlijk bezit), kuisheid (celibaat) en gehoorzaamheid (aan de regel en de overste). Het dagelijks leven draait om het getijdengebed — een vast ritme van gebedstijden verspreid over de dag, van de Lauden (ochtend) tot de Completen (avond). Nederland kent verschillende kloostertradities. De Benedictijnen (onder andere in Vaals en Egmond) volgen de Regel van Sint-Benedictus met het motto 'Ora et labora' (bid en werk). De Trappisten (Koningshoeven bij Tilburg, Achel in Belgisch-Limburg) leven een strenger contemplatief leven. De Franciscanen en Dominicanen zijn meer op de buitenwereld gericht. Steeds meer kloosters openen hun deuren voor gasten. Een kloosterretraite biedt de mogelijkheid om enkele dagen mee te leven met de gemeenschap, tot rust te komen en stil te staan bij de grote vragen van het leven. Dit trekt ook niet-gelovigen aan. Hoewel de meeste bewoners van Nederlandse kloosters inmiddels op hoge leeftijd zijn, ontstaan er ook nieuwe vormen van gemeenschapsleven, zoals de Nieuwe Gemeenschappen en stadsgemeenschappen die elementen van het kloosterleven combineren met een actief bestaan in de maatschappij.
Advertentie