De Evangelisch Lutherse theologie is een brede theologie, waarmee uiteindelijk ook
een breed scala van thema’s overdacht kan worden. Enkele belangrijke punten uit de
Lutherse Theologie zijn:rechtvaardiging door geloof, vrijheid en de twee rijken
leer.
Maarten Luther was de eerste die diep is ingegaan op het verschil tussen Wet en Evangelie.
Door de bril van ‘wet en evangelie’ las hij de Bijbel. Deze manier van lezen bleek
een bevrijdende manier van lezen voor hem te zijn.
De grootste ontdekking hierbij is dat we niets meer zelf hoeven te verdienen, maar
dat ons door geloof in Christus door genade alles gegeven wordt. De rechtvaardiging
van de mens is dus niet afhankelijk van in hoeverre hij zich aan de wet houdt.
Ten aanzien van het gebruik van de wet in het dagelijks leven kent Luther de mens
een eigen verantwoordelijkheid en vrije wil toe. We kunnen onze tekortkomingen en
zonden zien in de wet.
Uit het evangelie leren we dat Christus zich vrijwillig aan de wet onderwierp en
ook de vloek van die wet verdroeg. De vloek van de wet is het feit dat we als mensen
bij God in het krijt staan, vanwege onze zonden. Christus vervulde voor ons de wet,
en schonk en schenkt ons door genade, als wij daarin geloven, het leven.
In de bijbel vinden we aanwijzingen hoe we het beste kunnen leven. Lutheranen zijn
over het algemeen geen moraalridders, en laten elkaar en anderen redelijk vrij. Een
van de belangrijkste dingen die deze kerk leert is dat een Christen waarlijk kan
en mag leven, je mag er zijn voor God. Dat geldt voor iedereen, ongeacht ras, huidskleur,
familierelaties of verleden. Veel ellende in de wereld komt uiteindelijk voort uit
het feit dat we ons zelf en ons clubje beter vinden dan de ander. Christus leert
ons verder te zien dan ons zelf en ons eigen clubje.